Wanneer hoor je welke wijn te drinken?

Hele bibliotheken zijn hierover vol geschreven. Echte wijnliefhebbers nemen hun liefde bijzonder serieus. En dan is het ook logisch dat er door de jaren heen allerlei regels, conventies en tradities zijn ontstaan, waar eigenlijk niet meer aan getwijfeld kan worden. Wijnetiquette, je kunt er maar beter niet te licht over denken. Zegt men. Maar wat moet je nou, als je net bent begonnen aan je ontdekkingsreis in de wereld van de wijn?

Een aantal grondregels zijn bekend. Er is een groot verschil tussen jonge en oude wijnen. Iedereen kent de verhalen over de grote Bordeaux- of Bourgogne-wijnen die pas na vele jaren zo perfect zijn, dat het bijna heiligschennis is om ze als jonge wijn te drinken. Vroeger was dat echter totaal anders. Vroeger was het niet mogelijk om wijn zo lang te bewaren dat het rijpingsproces een jonge wijn kon veranderen in een drank die werkelijk groots was. Je was een bedrieger als je oude wijn verkocht als nieuwe. Oude wijn in nieuwe zakken doen, die uitdrukking bestaat niet voor niets.

Sommige wijnen kun je maar beter als jonge wijn drinken. Een frisse en fruitige witte wijn of rosé, het past zo goed bij een gezellige middag op een terras als de zon schijnt. Eet er een licht verteerbare lunch bij, bijvoorbeeld een zomerse salade. Maar ‘s avonds bij het haardvuur, bij een stevig vleesgerecht of kaasplank, haal dan vooral die oudere en karaktervolle rode wijn uit je kelder.

Kijk is op wijnhuisheemstede.nl voor exclusieve wijnen.

Bepaalde combinaties zijn uitgesloten. Een stevige rode wijn in combinatie met zeevruchten als garnalen, daar doe je je smaakpapillen zeker geen plezier mee. Hetzelfde wordt vaak gezegd over de combinatie wijn en kruidige, Oosterse gerechten. Hier past wel enige nuance. De combinatie met licht zoete en jonge witte wijn kan verrassend goed werken.

Wanneer hoor je welke wijn te drinken? Uiteindelijk bepaal je dat zelf. Het is jouw ontdekkingsreis. Durf rustig van de geijkte paden af te gaan en geniet!

 

 

Verschillende soorten wijnen

Het is nog niemand gelukt. Wijn, het prachtige natuurproduct waar wij mensen al duizenden jaren van genieten en waarover wij liederen en gedichten hebben gecomponeerd, is gewoon niet na te maken. Wijn is een ingewikkeld samenspel van honderden of duizenden chemische stoffen die op elkaar inwerken, door de tijd heen veranderen en waarvan de onderlinge balans bij elke wijn subtiel verschilt. En dat bepaalt de smaaksensatie.

Wie als eerste mens wijn maakte, is nog niet honderd procent bekend. Hoogstwaarschijnlijk leefde deze persoon zevenduizend jaar geleden in het gebied ten zuiden van de Kaukasus, in het huidige Armenië of Georgië. Van daaruit begon de wijnbouw aan zijn zegetocht, eerst in Europa en Klein-Azië, maar tegenwoordig over de hele wereld. Nieuwe druivenrassen, wijnbouw op verschillende bodems in uiteenlopende klimaten, het heeft er allemaal aan bijgedragen dat wij tegenwoordig het voorrecht hebben om te kunnen kiezen uit een enorme variëteit.

Niet alleen de wijnbouw zelf, maar ook de lagering en de rijping van de wijn zijn wetenschappen op zich geworden. En dat geldt al helemaal voor de afstemming van een wijn op een bepaald gerecht, waardoor de smaak van beide elkaar als in een perfect huwelijk aanvullen en een uniek karakter geven. Er zijn eindeloos veel mogelijkheden, van een complete mismatch tot een grootse combinatie.

Is dat alleen weggelegd voor die mensen met buitengewoon ontwikkelde smaakpapillen en kennis? Gelukkig niet. Wijn nodigt je uit om te experimenteren. Probeer ze uit, die verschillende soorten wijn. Maak je eigen combinaties, laat jouw goede smaak de maatstaf zijn. Met wijn heb je slechts één grote zekerheid: uiteindelijk zul je genieten. Een waarheid die al zevenduizend jaar onomstreden is.